Afstand en nabijheid: zo doen vakgenoten dat

De tuchtzaak over een verpleegkundige die ‘te vriendschappelijk’ handelde, roept veel reacties van collega’s op. Professionele afstand en nabijheid in de verpleging: wat kunnen we leren van andere zorgberoepen?

Afstand en nabijheid 
Afstand en nabijheid: altijd een thema in de zorg.

De verpleegkundige uit de tuchtzaak is ontslagen en door de tuchtrechter geschorst, omdat hij veel privé-informatie deelde met een aantal patiënten en eten van haar aannam voor zichzelf en zijn kinderen. Daarnaast waren er soortgelijke voorvallen die volgens de tuchtrechter grensoverschrijdend waren, zoals privé-telefoontjes plegen met zijn zoon in het bijzijn van een patiënte en praten over eigen problemen. ‘Te belachelijk voor woorden’, zegt een verpleegkundige op de Nursing-Facebookgroep over het ontslag en de tuchtmaatregel. ‘Straks mag je helemaal niks meer. Blijf je iets te lang hangen bij een cliënt of heb je het over je privéleven als interventie om vertrouwen te winnen, is het alweer niet goed. Te vriendschappelijk is mij te subjectief. Met de lunch eten bij cliënten is juist een interventie om vertrouwen te winnen, plus je kunt dan eindelijk eens tijd besteden aan iemand.’

Duidelijke grens

Een collega uit de Facebookgroep is het niet met hem eens: ‘Zo is de relatie hulpverlener-patiënt niet duidelijk meer. Neem dan je verantwoording en draag deze patiënt over zodat jij vriendjes kan worden met diegene. Zeker in de psychiatrie maar ook bij andere instanties moeten de relaties tot elkaar duidelijk blijven. Je gaat een duidelijke grens over.’ Nursing-blogger Hugo van der Wedden riep onlangs nog dat verpleegkundigen de professionele distantie best wat meer mogen laten varen. ‘Als er dan toch heel af en toe een vriendschap ontstaat tussen een patiënt en een hulpverlener, dan neem ik dat graag op de koop toe’, schrijft hij.

Andere vakgenoten

Meningen genoeg dus en een onderwerp waarover lastig objectieve grenzen zijn af te spreken; hooguit zijn er gedragsregels opgesteld. Hoe doen vakgenoten als sociaal werkers en andere pedagogisch hulpverleners dat? Zij hebben ook veel te maken met afstand en nabijheid als thema. Vaak werken zij, net als psychiatrisch verpleegkundigen, in settings waarin ze maanden tot jaren contact hebben met een cliënt, van heel nabij meedraaien op veel facetten van zijn dagelijks leven en in zijn netwerk. Denk aan de gehandicaptenzorg, gezinswerk, jeugdzorg en buurtteamwerk.

Afhankelijkheid

Irene König werkt als trainer in het sociaal-pedagogisch veld en geeft trainingen in professionele betrokkenheid. Zij noemt een aantal valkuilen voor hulpverleners om je bij al je handelen bewust van te zijn: afhankelijk van de cliënt worden of de cliënt afhankelijk van jou maken door teveel nabijheid, overbetrokkenheid voelen, jezelf als de redder van de cliënt gaan zien (‘het hulpverlenerssyndroom’) en verantwoordelijkheid van hem/haar overnemen. Zij geeft aan Nursing de volgende tips om in gedachten te houden bij alles wat je overweegt te doen of zeggen bij een kwetsbare cliënt/patiënt:
– Bedenk: je bent maar een passant, één van de vele zorgverleners die iemand meemaakt in zijn leven.
– Check de visie van de organisatie: welke gedragsregels zijn er?
– Wees alert bij een knuffelcultuur en amicaal gedrag: maak dit bespreekbaar in het team. Wat is jullie norm? Wat doet amicaal gedrag met de patiënt in een afhankelijkheidspositie?
– Vraag jezelf altijd af: wat is het doel van mijn actie/handeling/initiatief/uitspraak?
– Stuur geen kaartjes vanuit jezelf, maar vanuit de organisatie. Neem geen cadeautjes aan, ook geen eten.
– Bedenk in het contact: de hoeveelste goed bedoelende professional ben ik?
– Vermijd contact via social media met patiënten/cliënten of ex-patiënten.

Praten over privéleven

Onderzoeker Alie weerman zegt op vaksite Zorg en Welzijn over privé-onthullingen aan patiënten: ‘Zelfonthulling vind ik heel mooi, daardoor wordt het contact gelijkwaardiger. Maar juist omdat je dat doet, moet je ervoor waken dat het contact met een cliënt niet een vriendschappelijke of een privérelatie wordt. Zelfonthulling zet je in met een bepaald doel, namelijk het bemoedigen en respecteren van de ander. Je moet cliënten de ruimte geven om hun eigen proces aan te gaan, het gaat om het belang van de cliënt. Daar moet je als professional voor opkomen, ook als je bijvoorbeeld ervaringsdeskundige bent.’

Verschenen in

Down up-  van stichting Downsyndroom, nr. 109, lente 2015.

artikel DownUp2

 

Verschen in de KLIK van 8 november 2014 www.klik.org

KLIK_8_Kwartespel over Seksualiteit

Verschenen in de Markant van okt 2014

“Seks is een taboe, er wordt niet over gepraat”

Op de koffie bij… Irene König

(Irene drinkt het liefst cappuccino) 

 Irene König werkte 30 jaar lang op woongroepen en logeerhuizen op de Amerpoort. Ze verzorgde daarnaast opleidingen, trainingen en intervisies en was enkele jaren werkzaam bij het meldpunt seksueel misbruik. Sinds zes jaar gaat Irene als zelfstandig ondernemer door het leven en geeft ze diverse trainingen bij vele organisaties.We gingen bij haar op de koffie en vroegen haar naar bijzondere werk.

 Wat is je drijfveer?
“Tijdens mijn werk op de logeerhuizen bij de tieners gingen mijn ogen open. Er waren geen regels over wat wel en niet mocht. Niemand sprak er graag over, niet met de ouders maar ook de begeleiding onderling niet. Seks was een taboe.Ik ben toen trainingen gaan geven over seksualiteit en intimiteit. Het viel mij op dat iedereen worstelde met dezelfde vragen. Wanneer ga je het er over hebben, wat vertel je dan en hoe? Mensen denken aan seksuele voorlichting vooral aan echte seks. Maar het schort aan de basis, hoe ga je om met intimiteit, je gevoelens en grenzen van jezelf en een ander. Grenzeloos gedrag was tijdens mijn werk bij het meldpunt het meest voorkomende probleem. Mijn praktijkervaring wilde ik omzetten tot iets tastbaars. Ik wilde een product ontwikkelen dat alle onderwerpen op een luchtige manier bespreekbaar maakt en wat aansluit bij de belevingswereld van de cliënten*. Met afbeeldingen waarmee ze zich kunnen identificeren.”

*We spreken met Irene af om het woord cliënt te gebruiken voor mensen met een verstandelijke beperking.

Dat werd een kwartetspel. Wat is de bedoeling van het spel? “Het kwartet bestaat uit 29 thema’s. De plaatjes zijn zo opgebouwd dat de schroom om over het onderwerp te praten snel verdwijnt. Je kunt dingen altijd met een omweg zeggen. Bijvoorbeeld: ‘mag ik van jou de jongen in de groene onderbroek’ in plaats van ‘de jongen die masturbeert’. Het spel heeft een wedstrijdelement en is lichtvoetig. De begeleider of ouder kan het kwartet afstemmen op de interesses van de cliënt. Het is een methode om op een laagdrempelige manier over verschillende onderwerpen te praten. Daarnaast is het een goed middel om de kennis te testen.”

Als wij ons bewust zijn van hoe kwetsbaar wij onze cliënten maken door het vele aanraken, dan gaat het misbruikpercentage naar beneden, daar ben ik echt van overtuigd.”

Wat zijn de reacties op het kwartet? “De reacties zijn heel positief. Cliënten spelen het spel graag, omdat er een wedstrijdelement in zit. Het is makkelijk te pakken en even te spelen. De tekeningen spreken ze erg aan en zijn soms humoristisch. Ook krijgen we veel goede reacties op het ontbreken van tekst.”

Zou het spel ook een hulpmiddel kunnen zijn voor ouders om met hun kind over seksualiteit te praten? En heb je tips? “Het spel kan worden gebruikt door ouders, in de jeugdzorg en het reguliere onderwijs. Mijn advies is: kijk wat op dit moment bij je kind past en stel uit de 29 thema’s je eigen kwartet samen. Je kind weerbaar maken, is ontzettend belangrijk. Blijf, zeker in begin, daarom bij de onderwerpen die gaan over grenzen en gevoelens. Als je kind bijvoorbeeld een mobieltje krijgt, dan voeg je social media toe. Maar bedenk wel dat het voor je kind een spel is. Als je ieder plaatje gaat bespreken, verlies je het spelelement en is het voor je kind minder aantrekkelijk.”

Wat is nog meer een aandachtspunt? “De knuffelcultuur is heel groot in de gehandicaptenzorg. Het vele knuffelen maakt een cliënt afhankelijk en minder weerbaar. De grenzen van zijn persoonlijke ruimte worden steeds aangetast. Natuurlijk zijn er situaties denkbaar dat aanraken belangrijk is, maar dan moet dat in het zorgplan worden opgenomen. In het leven van een cliënt komen 900 tot 2000 hulpverleners voorbij. Dat er gedurende je leven zoveel mensen op je schoot gaan zitten of je omhelzen daar moet je toch niet aan denken! Daarom moeten we bewust omgaan met aanraken met altijd de vraag in het achterhoofd: ‘Wie help ik ermee?’ Als wij ons bewust zijn hoe kwetsbaar wij onze cliënten maken door het vele aanraken, dan gaat het misbruikpercentage naar beneden, daar ben ik echt van overtuigd.

Voor mij is de hermeneutische cirkel een goed hulpmiddel om te bepalen welke aanrakingen passend zijn bij het ontwikkelingsniveau.”

Naast wie zou je in het vliegtuig willen zitten en waarom? “Martin van Rijn, Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Ik hoop dan wel op een lange vlucht! Ik wil duidelijk maken dat het percentage seksueel misbruik veel te hoog is. Als er geld gaat naar preventie, kan er veel leed voorkomen worden en dat is een enorme kostenbesparing. Ik ben mij er wel van bewust dat het een onderwerp is dat constante aandacht nodig heeft.”

Is er iemand, die zich ook inzet voor de doelgroep, aan wie je het stokje door wilt geven? “Judith Kreijne van Edusex. Zij is een vakvrouw op het gebied van seksualiteit en verstandelijke beperking.”

Meer informatie over het kwartet van Irene König en bestellen:http://kompazirenekonig.nl/mag-ik-van-jou.


Boekentips van Irene

1. Praten over seks (Begeleidersboek en werkmap) – Paulien van Doorn en Anja Janssen
2. Vrienden en vrijers – Edubooks
3. Moeders met een missie – Chiel Egberts
4. Driehoekskunde – Chiel Egberts

Verliefde Stelletjes

Verliefde Stelletjes

Geplaatst op de website “begrensde Liefde”

 http://www.begrensdeliefde.nl/zoeken/databank?id=1346

Kwartet – Mag ik van jou?

Ondersteuning van het gesprek over seksualiteit

Instrument: training, spel
Thema: voorlichting, begeleiding
Doelgroep: ouders, mensen met een beperking, docenten, begeleiders

Korte inhoud

Mag ik van jou van de categorie Verliefde stelletjes …? Het mooi vormgegeven kwartetspel helpt om het taboe dat vaak op het onderwerp seksualiteit rust, en de handelingverlegenheid van begeleiders, ouders of docenten die een goede voorlichting in de weg staat, te doorbreken. Met het kwartetspel wordt de drempel verlaagd en is het gewoon leuk om voorlichting te geven. De tekeningen zijn aansprekend, humorvol, simpel, vriendelijk, en gebruiksvriendelijk. Tijdens het spel komen die thema’s aan de orde die op dat moment aandacht vragen. Er zijn 116 kaarten verdeeld over 29 categorieën waaruit een speelset voor het gesprek kan worden samengesteld. De overige kaarten kan de begeleider apart houden.

Jaar van uitgave

2013

Uitgever en ISBN

Irene König, Kompaz

Overige informatie

Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden voor workshops rondom de methode “Mag ik van jou?”. Deze worden georganiseerd volgens open inschrijving op een centraal gelegen locatie in Amersfoort. Ook is het mogelijk om een incompany training te organiseren. Aan de orde komen:
•Bespreekbaar maken van het onderwerp seksualiteit en intimiteit
•Het loslaten van aannames
•Handelingsverlegenheid van ouders, begeleiders en docenten doorbreken
•Wat weet je van de intimiteits/seksualiteitsbeleving van diegene die je gaat begeleiden?
•De disharmonische ontwikkeling van mensen met een verstandelijke beperking
•Gezamenlijk oefenen met de materialen.
Deelname aan een workshop kost € 225,00 inclusief spel.

Verkrijgbaarheid

Via de website van Kompaz
www.kompazirenekonig.nl

Kompaz, Irene König

kompazirene@gmail.com

Share This